Auteursarchief: Jean Le Motard
Test: Yamaha XSR700
Hippe customs en opgekalefaterde classics doen het goed in motorland. Dat de fabrikanten daar ook een graantje van willen meepikken, ligt dus voor de hand. De uitingen van dat graantjesgepik lopen nogal uiteen. Een doorontwikkelde classic als de huidige Triumph Bonneville is bijvoorbeeld iets heel anders dan een geretrostylede bike als de BMW R nineT.
Bij Yamaha bedachten ze het Yard Built project: custombouwers die zich – op vraag van Yamaha – helemaal laten gaan met een van hun modellen. Die creaties brachten genoeg inspiratie voor een nieuwe Yamaha lijn: de Sport Heritage modellen. Moderne technologie met een oud/klassiek/custom sausje erover.
Rond, rond, rond
De XSR700 is een van Yamaha’s Sport Heritage worpen. Op basis van de geprezen MT-07 (hetzelfde blok en een deel van het rijwielgedeelte), maar met een heel eigen look. Klassiekere tank, breder stuur, andere zit. Maar ook een ronde koplamp, een rond achterlicht en een ronde teller. Zelfs de wielen zijn rond, die zotte Japanners toch. Alleen de spiegels zijn niet rond, maar ze bieden je wel een prima zicht achteruit.
Even terug naar de teller. Die is opvallend klein maar ook opvallend afleesbaar. Snelheid duidelijk in beeld, versnellingsindicator en tankinhoud iets meer op de achtergrond, toerental in de rand en tot slot is er nog één plekje vrij waar je gemiddeld verbruik, huidig verbruik, temperatuur, omgevingstemperatuur, kilometerstand, een van de twee triptellers of de tijd kan laten verschijnen. Ik heb grotere displays gezien die minder goed vielen te ontcijferen.
Voor de XSR700 betaal je in België 8.290 euro, maar tot minstens eind juni (aldus Yamaha) bedraagt de lanceringsprijs 7.990 euro. Of je het op die basisprijs kan houden, durf ik echter te betwijfelen, want een van de sterke punten van de XSR700 is zijn customizeerbaarheid (als dat een woord is tenminste). Het subframe kan je bijvoorbeeld eenvoudig eraf halen, net als de duovoetsteunen. Yamaha biedt je een heel arsenaal accessoires aan om je XSR700 te personaliseren, en dat doet het prijskaartje natuurlijk stijgen. Mijn testexemplaar werd gepimpt met handbeschermers, tankpads op de zijkant, een flyscreen, twee zijtassen, vorkkappen en het vlakke zadel. Verhoogt je factuur zo’n 1.400 euro.
Form over function, toch wat de accessoires betreft
Of je dat allemaal nodig hebt, is uiteraard persoonlijk. Van het flyscreen ben ik bijvoorbeeld geen fan, de styling van de handbeschermers had beter gekund, en de zijtassen – hoe mooi ook – zijn niet erg praktisch: met 8 liter per stuk erg klein, de vergrendeling zit in de tas (wat betekent dat je soms de inhoud eruit moet nemen om je tas aan de tasdrager te vergrendelen of te ontgrendelen) en elke tas heeft ook nog eens een apart sleuteltje. Mocht het aan mij zijn, ik zou al die accessoires inruilen voor Lees verder
Weekendje Ardennen met Quechua (en de Yamaha XSR700)
Of ik geen zin had in een weekendje Ardennen, vroeg Decathlon. Om hun Quechua trekkinggamma te ontdekken en intussen ook nog wat leuke dingen te doen. Met het oog op de Alpentrip, waarvoor ik wel wat trekkersmateriaal nodig heb, ik dus daarheen. Met een Yamaha XSR700 (waarvan je hier de review kan lezen). De heenrit was helaas rushen, wegens krappe planning. Bestemming: een camping in Hamoir, naast de Ourthe. De andere deelnemers: voornamelijk reisbloggers. Waardoor ik me een beetje de rare eend in de bijt voelde. Gelukkig bleken de andere eenden vriendelijk.
Als intro kregen we een woordje uitleg over Decathlon en Quechua. Wat hun visie is, hoe ze research & development aanpakken, hoe het komt dat hun prijzen lager liggen dan die van de A-merken. Interessante uiteenzetting. Kort samengevat: Decathlon doet de ontwikkeling zelf, ook de productie van prototypes, steeds met een goeie prijs-kwaliteitverhouding in het achterhoofd. Daarnaast drukken ze de marketingkost zoveel mogelijk. En tot slot hebben ze enkel eigen winkels, wat betekent dat er geen tussenpersonen (en extra marges) zijn. Wie hierover meer wil weten, lees de artikels van Tjoolaard en Ferket, die zijn een paar maanden terug op bezoek geweest in het Decathlon Design Center in Frankrijk.
Verder is Decathlon er ook heel nuchter in dat ze niet kunnen (of willen) concurreren met de topproducten van pakweg een The North Face. Het materiaal voor experten, zeg maar. Maar hun eigen topproducten kunnen zich – naar eigen zeggen – wél meten met de basisproducten van die A-merken. Alleen is de perceptie van het grote publiek nog niet mee. Tijd dus voor ons om wat dingen te testen.
Dat testen – of toch het testen van gerief dat voor een motorreiziger interessant kan zijn – zou echter voor later zijn. Eerst nog een leuk (en warm) middagje hoogteparcours. Daarna stond de voorbereiding van het avondmaal op het programma. Ook een avontuur. De mannen van Nomad and Rebel hadden een stoomput gegraven. Terug naar de prehistorie. Kuil in de grond, gloeiend hete stenen erin, laagje takken erover, eten erop en dan de kuil afdekken met takken, bladeren en tot slot aarde. En dan vier uur laten stomen.
Dat gaf ons de tijd om onder meer onze drinkfles te personaliseren met/door de mannen van Kapow, een wedstrijdje 2 seconds-tent opzetten en terug opplooien te doen, te leuteren over het voordeel van merinowol, en ons te installeren voor de nacht. Ideaal moment om wat Quechua gerief te testen. Lees verder
Test: Ducati 959 Panigale
Op Eicma vorig jaar kondigde Ducati maar liefst 10 nieuwe modellen aan. De 959 Panigale was daar eentje van. De opvolger van de Ducati 899 Panigale die door de aankomende Euro4-normen vanaf 2017 niet meer de showroom in mag in Europa.
De neuters hebben al ruimschoots voldoende geneut dat de 959 door z’n dubbele uitlaatdemper, gevolg van de Euro4-regeltjes, minder strak oogt dan zijn voorganger. Laat ze maar neuten. Oké, de bellypanuitlaat van z’n voorganger is mooier, maar de 959 ziet er nog altijd bijzonder sexy uit.
Buiten het veelbesproken uitlaatsysteem werd er uiteraard nog veel meer gewijzigd. De Superquadro tweecilinder groeide naar 955 cc, heeft 9 pk meer dan de voorganger (157 pk bij 10.500 toeren) en laat bij 9.000 toeren 107 Nm optekenen (+8%). De snuit is iets breder en heeft grotere luchtinlaten, het ruitje is hoger, en het scharnierpunt van de achterbrug is 4 mm verlaagd voor een betere tractie.
Brave Pani / Snelle Pani
De 959 Panigale ziet er nogal agressief uit. Ik zal eerlijk zijn: voor ik opstapte eventjes gedacht: “Ik hoop dat ik dat geweld allemaal aankan.” Maar kijk, dat viel heel erg mee. Rustig het gas opendraaien en hij vertrekt supercontroleerbaar, zachtjes, zonder horten en stoten. Brave Pani. Daarbij komt z’n geluid dat – voor een motor die eruitziet als een klein bommetje – best wat meer had mogen zijn. Idem voor de acceleratie vanuit lage toerentallen, het is allemaal minder indrukwekkend dan je verwacht. Je zou bijna gaan durven stellen dat zelfs beginners de 959 zouden aankunnen.
Maar dat zou een stap te ver zijn. Want de Ducati 959 Panigale is wel degelijk razendsnel. Jup, dit is een explosieve superbike en dat zal je weten. Je moet er wel Lees verder
Verse achterband: Continental TKC70
De kale Heidenau werd vervangen door een verse Continental TKC70.
Argumenten voor deze keuze:
– Ik wou iets meer comfort op de baan (lees: minder trillingen).
– Maar ook offroad wou ik niet al te veel aan grip inboeten.
Dus ’s zien wat deze Continental TKC70 zegt. Wel enkel achterband, want de Heidenau die voor ligt kan nog wel wat km’s aan.
Opgereden: Heidenau K60 M+S
Na 15.802 km met een setje Heidenau K60 M+S (de winterversie van de K60 Scout) is de achterband op. Tijd voor een kleine evaluatie.
Ik koos voor deze band omdat ik offroad meer grip wou dan met de Michelin Anakee 3 die ik eerder had liggen. Dat zal wel snor. In het begin nog wat aftasten op onverhard, maar al rap ging het rapper. Heel wat makkelijker om offroad mee te rijden dan de Anakee 3, en dus ook meer vertrouwen. Vlotter de bochten in op grindpaden, minder glijpartijen als het vettiger werd.
Op het asfalt dan. Ook hier aanvankelijk wat aftasten, maar bij droog weer merkte ik, na de inrijperiode uiteraard, weinig afname in grip t.o.v. de Anakee 3. Maar ik ben dan ook geen limietrijder. Bij nattigheid is het wel uitkijken met deze band. Waar ik met de Anakee 3 weinig had op te merken in het nat, moet je met de Heidenau K60 M+S oppassen voor pekstroken en wegherstellingen. Niet dat je er niet over kan, maar je voelt direct gripverlies als die stukken er nat bij liggen. Rechtuit weinig meer dan even verschieten, maar in bochten: opletten!
Een noppenband, dat zijn meer trillingen en kabaal. Wordt gezegd. Van meer kabaal merkte ik weinig. Maar ik rij zo goed als altijd met oordoppen. Trillingen: die voel je. Handen, voeten en kont. Ik rijd wel zonder rubbers op de voetsteunen. Maar heel erg storen doen de trillingen ook weer niet. Het verbruik nam ook iets toe, waarschijnlijk te wijten aan de noppen die voor een hogere weerstand zorgen.
Dat de achterband op is merk je. Hij slipt makkelijk door op een nat wegdek. En omdat het een winterband is, werd hij de laatste weken wel heel erg vierkant. Dat voel je in snelle, ruime bochten als je net op dat kantje rijdt: de motor begint achteraan te dansen. Verminderde stabiliteit, niet echt leuk. Nu ja, na 15.000 km mag je een winterband wel iets vergeven natuurlijk. De voorband kan trouwens wel nog een eind mee.
Gevolgd: Endurofun Offroadcursus Type 2
Alle seizoenen zien passeren vorige zondag tijdens de Type 2 Offroadcursus van Endurofun. En daardoor ook behoorlijk wat variatie in ondergrond. Maar laat ons beginnen bij het begin.
Na de Type 1 Offroadcursus zowel in België als Nederland gevolgd te hebben, was het tijd om de moeilijkheidsgraad ietsje op te krikken. De Type 2 cursus geboekt en (met dichtgeknepen billen) hopend op regenachtig weer. Want beide Type 1 cursussen waren door droog weer misschien net te makkelijk uitgevallen.
Instructeur Gert (die ook de cursus in Nederland gaf) trakteerde ons aan de startplaats in Tongeren op een stevige portie spek, eieren en introductiepraat. Tegen 11 uur, de 10 cursisten het zadel op. Het had ’s nachts geregend, maar het zonnetje had in de voormiddag al goed z’n best gedaan om de paden te drogen.
Opwarmen deden we op een grasveld. Even terug de basics opfrissen. Kijktechniek, positie op de motor, beheersing van koppeling, remmen en gas. Daarna in D-systeem door de velden en bossen van regio Tongeren, Riemst, Eben-Emael en contreien. Mooie omgeving. De zon zorgde voor opstijgende nevels boven de vochtige, pas ingezaaide velden. Prachtig zicht. De moeilijkheidsgraad viel mee, vooral dankzij de droge paden, waardoor het tempo er goed in zat.
Af en toe een stop voor Lees verder









