Waarom motorrijden zonder ABS?

abs-knop-bmw-motor

Hoe je de ABS uitschakelt op een BMW F 650 GS mono weet je al. Maar waarom zou je dat doen? Want de ABS is net een veiligheidssysteem. De naam (antiblokkeersysteem) zegt het al: het zorgt ervoor dat je wielen niet blokkeren.

In de praktijk treedt de ABS meestal in werking bij een noodstop of op een gladde ondergrond. Dankzij de ABS blijft je wiel draaien, ga je niet schuiven en verlies je de controle niet. En vermijd je een tête–à–tête met het asfalt.

Wanneer je een remmanoeuvre uitvoert met ABS zal je remweg wel langer zijn dan zonder, want het systeem vermindert de remkracht om je wiel draaiend te houden.

Toch rijd je op asfalt best steeds met je ABS ingeschakeld, want de iets langere remweg weegt niet op tegen de verhoogde veiligheid.

Offroad wordt dit echter een ander verhaal. Wil je bijvoorbeeld fors remmen op gravel, dan zorgt een slippend wiel ervoor dat je een pak sneller zal stilstaan dan met ABS. Doordat de losse ondergrond zich opstapelt voor je band, gaat je remafstand verkorten. Aanzienlijk zelfs.

Ter illustratie, een filmpje dat toont hoe de remweg 80% korter wordt door de ABS uit te schakelen.

Eerst met ABS, daarna zonder ABS en hard op de achterrem trappen, en tot slot zonder ABS en een combinatie van hard op de achterrem trappen en progressief de voorrem opbouwen.

Bovendien kan slippen met de achterrem dikke fun zijn, en daarnaast kan je – mits de nodige techniek – de slipbeweging ook gebruiken om te sturen.

Nieuwe Ducati Scrambler in 2015

Scramblers. Volgens Wikipedia de voorlopers van de offroadmotoren. Door de fabrikant aangepaste straatmotoren, herkenbaar aan de terreinbanden, aangepaste vering en omhooggebogen uitlaten. Of hobbyprojecten van een bende handige Harry’s.

Tegenwoordig zijn de af-fabriek scramblers dun gezaaid. De Triumph Scrambler is de enige. Een duidelijke afgeleide van de Triumph Bonneville. Hoewel hij de scramblerlooks wel heeft, zijn de offroadcapaciteiten van deze 865 cc aan de beperkte kant.

In 2015 komt de nieuwe Ducati Scrambler eraan. De nieuwe, maar niet de eerste. Want eind jaren 60 bracht Ducati al een reeks Scramblers op de markt, met variaties van 125 tot 450 cc. De productie van de Ducati Scrambler werd in 1974 stopgezet.

In welke mate die nieuwe Ducati Scrambler te vergelijken valt met zijn voorgangers of met de Triumph Scrambler valt nog af te wachten, want buiten een jaartal en een naam hebben de Italianen nog niks gelost.

En het teaserfilmpje verklapt ook niet veel meer.

Wie op de hoogte wil blijven: http://scramblerducati.com/

Hoe de ABS uitschakelen bij een BMW F 650 GS (mono)?

Mijn eerste offroadrit reed ik nog met de ABS ingeschakeld, maar tijdens de offroadcursus in april – en dankzij een aanwezige collega-650 GS mono-rijder – eindelijk ontdekt hoe je de ABS uitschakelt bij een BMW F 650 GS.

Het is heel eenvoudig, tenminste als je weet hoe het moet:

1. Hou de ABS-knop ingedrukt.
2. Van zodra het ABS-lampje op je display begint te flikkeren: laat de ABS-knop los.
3. Het ABS-lampje zal blijven flikkeren. Je ABS is nu uitgeschakeld.

Je kan de ABS uitschakelen terwijl de motor draait of als enkel je contact opstaat.

Terug inschakelen doe je door de motor volledig uit te schakelen en opnieuw te starten.

Bij de BMW F 650 GS mono was ABS een optie, dus al je geen ABS-knop vindt, had je niet tot hier hoeven lezen. Maar toch bedankt.

Veiling antieke motoren (Weybridge UK, 7/6)

Iemand die een oudje onderdak wil geven? Op 7 juni worden in het Britse Weybridge honderd oldtimer motoren geveild. Het volledige overzicht vind je hier. Een greep:

Vincent Comet.
Uit 1950.
21.820 mijl op de teller (dik 35.000 km).
In de jaren 80 voorzien van een nieuwe, getunede Vincent motor door wijlen Chas Guy.
Niet gerestaureerd, wel goed onderhouden.
Geschat tussen 14.000 en 18.000 £ (17.000 à 22.000 euro).
Update 9/6: niet verkocht.

Velocette LE.
Uit 1966, gebouwd door Veloce Ltd in Birmingham.
Was indertijd populair bij de Britse politiekorpsen.
23.728 mijl (38.000 km).
Komt uit een museumcollectie. In matige staat.
Update 9/6: verkocht voor 582 £ (720 euro).

Royal Enfield Model 160.
Uit 1911.
325 cc Motosacoche motor.
Zou tussen de 12.000 en 16.000 £ moeten kosten (15.000 en 20.000 euro).
Update 9/6: niet verkocht.

BSA Sunbeam.
Uit 1961.
De eerste stap van BSA in de scootermarkt.
Onlangs gerestaureerd.
Sinds de restauratie maar 22 mijl gereden (35 km).
Geschat op 1.500 à 2.200 £ (1.800 à 2.700 euro).
Update 9/6: verkocht voor 2.856 £ (3.530 euro).

Raleigh Model 14.
Uit 1926.
248 cc.
In 1974 gekocht door de huidige eigenaar voor 50 £, die hem volledig restaureerde (zijn tweede Raleigh Model 14 restauratie trouwens).
Moet nu tussen 6.000 en 8.000 £ opbrengen (7.400 en 9.900 euro).
Update 9/6: verkocht voor 4.480 £ (5.540 euro).

Ariel Square Four.
Uit 1956.
998 cc.
Wordt verkocht door de derde eigenaar.
Zeer goed onderhouden.
Prijskaartje wordt geschat op 14.000 à 18.000 £ (17.000 à 22.000 euro).
Update 9/6: niet verkocht.

BMW R60/5.
Uit 1971.
Slechts 2.270 mijl op de teller (3.600 km).
Veel jaren als collectiestuk gespendeerd, dus als je ermee zou willen rijden, dan heb je er wellicht nog wat werk aan.
Moet tussen 4.000 en 6.000 £ kosten (5.000 en 7.000 euro).
Update 9/6: verkocht voor 5.152 £ (6.370 euro).

Wie zijn slag slaat tijdens de veiling, mag me uitnodigen voor een middagje cruisen!

Motorkleding: review na 1 jaar in gebruik

Niet alleen de motor huist al een jaar chez Jean Le Motard, ook de motorkleding gaat intussen zolang mee. Tijd voor een review.

Motorjas: Rev’it Sand 2

De Sand 2 van Rev’it wordt verkocht als een drieseizoensjas. Lente, zomer en herfst. De jas heeft heel wat verstelriempjes, waardoor je ‘m mooi kan laten aanpassen. De protectiestukken kan je door middel van velcro positioneren zodat ze goed op je ellebogen en schouders zitten. De opbergmogelijkheden hadden misschien wat uitgebreider mogen zijn, hoewel voor mij net voldoende.

revit-sand-2-jas

De jas heeft drie lagen: de buitenlaag waarin de beschermelementen zitten, een regenlaag en een warmtelaag. Die laatste twee kan je er apart uit halen. Da’s vooral erg aangenaam als de thermometer boven de 20°C klimt.

Verwacht je echter niet aan een zomerjas, zelfs niet met alle verluchtingsritsen wijd open. Tegen dorpskernsnelheden en aan rode lichten zal het in hartje zomer zweten zijn. Doe je vooral autostrade, dan vang je wel genoeg wind om boven de 20°C deze Rev’it aan te trekken.

In koudere perioden, als de temperaturen richting vriespunt duiken, is de Sand 2 niet warm genoeg. Maar een extra fleece eronder lost dat op.

Een regenlaag, dus de Sand 2 is waterdicht? De broek heeft me al in de steek gelaten, de jas (nog) niet. Misschien niet helemaal onlogisch, ik draag er meestal een fluovestje over. En de jas heeft niet zo’n opvangplek als het kruis van een broek, wat echt een zwakke plek is.

Nog een minpunt, maar minder erg dan het waterdichtheidsprobleem, is dat je de lichtgrijze stukken van de jas niet meer proper krijgt na een tijd. Maar je kan natuurlijk ook gewoon voor de volledig zwarte versie kiezen. Het beïnvloedt hoe dan ook de slijtage niet. Hij ziet er misschien een beetje vuil uit, maar versleten is hij nog niet.

Al bij al best tevreden over de Rev’it Sand 2. Goeie allroundjas, maar als je vooral in de zomermaanden rustig gaat toeren of bijvoorbeeld een offroadfanaat bent, zijn er betere opties.

Motorbroek: Rev’it Sand 2

Over de Rev’it Sand 2 broek kan ik ongeveer hetzelfde vertellen. Drieseizoens, drie lagen, verplaatsbare protectiestukken, net te doen in de zomer. Met twee verschillen:

1. Op vlak van waterdichtheid heeft de Sand 2 broek me al twee keer teleurgesteld. De regenlaag heb ik al twee keer moeten vervangen, telkens na 4 maanden in gebruik, dus ik verwacht me binnenkort weer aan een nat kruis. Redelijk groot minpunt.

2. De warmtelaag wordt overbodig als je een gewone broek draagt onder je motorbroek. In de winter is het perfect te doen om zo de kou in te duiken.

Besluit: minder tevreden van de broek dan van de jas, en daar heeft de waterdichtheid alles mee te maken.

revit-sand-2-broek

Helm: Lazer Paname

Een systeemhelm. Bleek een goeie keuze, want het is leuk om met de klep omhoog te rijden. Als het tempo niet te hoog ligt tenminste. Of je moet graag vliegen eten.

De pasvorm is iets minder geworden na een jaar, maar de Lazer zit nog steeds passend genoeg.

Het ingebouwde zonnevizier is erg handig, en de pinlock doet wat hij moet doen: zorgen dat je vizier niet aanwasemt. Ook handig: bijna de volledige binnenkant kan je uit de helm halen voor een wasmachinebeurtje.

lazer-paname-motorhelm-fluo

Na een tijdje opent en sluit de klep wel wat stroever (vooral na stoffige offroadritten), maar wat siliconenspray lost dat probleem in een wip op.

De verluchting is eerder matig te noemen. Vooral in de zomer zou wat meer airflow bij een volledig gesloten helm aangenaam zijn. Langs de andere kant heb je aan een hoog opgetrokken buffje genoeg om de wintermaanden met deze helm te trotseren.

Oh, en de kleur … Misschien niet de mooiste, maar je wordt wel snel gezien.

Na 20.000 km begint de Lazer Paname wat gebruikssporen te vertonen, maar een jaartje zal hij wellicht nog wel meegaan.

Motorhandschoenen (winter): Rev’it Alaska GTX

Uitgerust met Goretex, behoorlijk dik, volledig uit leder. Ze zijn nog altijd waterdicht en zijn na een tijdje zelfs behoorlijk soepel geworden.

Het plastic wissertje op de wijsvinger van de linkerhandschoenen, zodat je bij nat weer even je vizier kan ruitenwisseren, is slim.

Vriestemperaturen kan je met de Rev’it Alaska GTX echter niet trotseren, zelfs niet met je handverwarming op. Tenzij je grote afstanden en hoge snelheden vermijdt. Dan lukt het wellicht net met handverwarming. Maar de echte doorrijders die wat meer comfort en geen ijskoude vingers willen, zullen naar warmere alternatieven moeten zoeken.

revit-winterhandschoenen-mo

Voor de rest wel tevreden van deze handschoenen. Doen wat ze beloven en na een jaar intensief gebruik valt de slijtage heel erg goed mee. Kan ik nog wel een jaartje mee verder.

Motorhandschoenen (zomer): Rev’it Chevron

Als het heet wordt, is het zweten in de Alaska GTX, dus dan trek ik de Chevron handschoenen van Rev’it aan. Ook volledig uit leder, maar dun en met veel perforatie.

revit-zomerhandschoenen-mot

Er zijn nog frissere handschoenen, maar dan moet je het wel zonder de protectie stellen waarmee deze Rev’its zijn uitgerust.

De Rev’it Chevron draag ik minder dan de winterhandschoenen, dus weinig slijtage te bespeuren.

Fluovestje: G&F

G&F is het huismerk van Eko. Het is een simpel fluovestje dat dankzij de elastische stukken mooi aansluit. Voorzien van reflecterende stroken en een rits vooraan.

Niks op aan te merken, alleen zou een opbergzakje handig geweest zijn. En na een jaar krijg je, zoals bij de lichte stukken van de jas, het vuil er nog moeilijk uit.

gf-motorvest-fluo

Motorlaarzen: Sidi Adventure Gore

De motorlaarzen heb ik pas in september gekocht, maar ik steek ze toch al in deze review.

Ik ben er erg tevreden over. In het begin zitten deze Sidi’s wat stijf, maar na een tijdje worden ze iets soepeler, hoewel je er geen lange wandelingen mee moet gaan doen.

Ik heb ze gekocht omwille van twee wensen: waterdicht en geschikt voor een stukje offroad.

Waterdicht zijn ze nog steeds, in de winter ook warm genoeg. Hoe heet ze in de zomer zijn valt nog af te wachten.

Offroad gedragen ze zich prima en een laag modder spuit je er gewoon met de hogedrukreiniger af.

Na een tijd begint wel gepiep te weerklinken: de wrijving van de plastic en lederen onderdelen. Wat siliconenspray brengt de rust terug.

sidi-adventure-gore-motorla

Alleen jammer van een behoorlijke designfout: het beschermstukje voor het schakelpedaal op de linker laars had nog verder naar de neus mogen doorlopen. Ofwel ben ik de enige die eerder met de tenen schakelt dan met de wreef. Zorgt ervoor dat het leder op de neus lichtjes beschadigd wordt. Voorlopig nog geen probleem, maar op termijn moet ik de schoenmaker wellicht vragen om een extra laagje leder.

1 jaar BMW F 650 GS gereden: evaluatie

Een jaar geleden kocht ik mijn eerste motor. Een model kiezen was vanzelfsprekend wat tasten in het duister. Intussen zijn we 20.000 km verder. Tijd om de BMW F 650 GS te evalueren.

bmw-f-650-gs-mono

Kort samengevat ben ik bijzonder tevreden. Uitstekende leermotor, zowel voor een beginnende motard tout court, als voor een offroadgroentje. Hij kan zowat alles aan en is zeer betrouwbaar.

Dat was de samenvatting. Nu wat uitgebreider:

Looks

Toen ik ‘m kocht, vond ik de BMW F 650 GS niet de mooiste motor die je kon vinden. Nog steeds niet. Lelijk vind ik ‘m ook weer niet, en looks zijn niet het enige dat telt voor mij.

Leermotor

Tijdens de zoektocht naar mijn eerste motor werd de 650 GS geregeld omschreven als de ideale beginnersmotor. Da’s niet gelogen. Om manoeuvres te oefenen is hij perfect. Hij weegt niet veel, heeft geen te agressief karakter en geeft veel vertrouwen. Alleen jammer van die 3 kW die hij tekort komt.

Ook wie wil leren offroaden met een reisenduro heeft met de 650 GS een goede leermotor. Krachtig genoeg en door zijn gewicht (175 kg) makkelijker te beheersen dan pakweg een 1150 GSA die 100 kg meer weegt. En aan robuustheid geen gebrek. Oké, de plastic onderdelen kunnen wat minder tegen een stootje, maar verder is de 650 GS gebouwd als een reisenduro, dus hij kan wel wat hebben.

Zithouding

Ik kocht de motor met heel wat autostradekilometers en filegefilter in het achterhoofd. Een aangename zithouding zou dus tof zijn. De 650 GS zit mooi rechtop en van mijn rug krijg ik dan ook niet gauw last. En voel je toch iets, dan kan je altijd wat rondschuifelen op het zadel. Iets wat andere motoren niet altijd toelaten.

De knieën zitten wel behoorlijk geplooid (hier haalt de Harley het wel van de BMW), maar na een tijdje merk je daar niks meer van. Gewoon een kwestie van wennen dus.

Bescherming tegen wind en regen

Veel woonwerkverkeer, dus wat bescherming tegen de elementen is dan meegenomen. De 650 GS scoort hier niet erg hoog. Een RT is bijvoorbeeld een betere keuze, maar je kan het ook slechter treffen. Sorry Iron 883, ik moet weer naar jou refereren.

Accessoires

Na enkele maanden rijden: toch beginnen twijfelen over wat extra accessoires.

Zijkoffers leken me wel handiger dan elke dag met een rugzak naar het werk te rijden. Tweedehands setje BMW Vario koffers op de kop getikt, nog altijd zeer tevreden van.

Het kuipje van de 650 GS stelt weinig voor. Ik heb zitten twijfelen over een hogere ruit om wind en regen af te houden, maar uiteindelijk valt het allemaal wel mee, dus voorlopig rijd ik nog met de standaardruit.

Tijdens de wintermaanden ben je een pak minder zichtbaar. Laat licht en vroeg donker. Oké, je kan met pinkers of grootlicht door de file rijden, ook al breek je de verkeersregels. Een andere optie is extra verlichting te monteren. Een tijdje overwogen, maar uiteindelijk besloten om het niet te doen, vooral vanwege de offroadavonturen die dergelijke spielereitjes maar wat graag ruïneren.

De spiegels hebben een behoorlijke grote dode hoek, dus ook betere spiegels heb ik overwogen. Maar die klacht vergeet je vlug van zodra je (ja, sorry weeral) op de Harley kruipt. Vlug even een blik over de schouder dus.

Onderhoud

De BMW F 650 GS heeft een ketting, dus die moet je geregeld smeren. Da’s ook alles, een werkje van hooguit 2 minuten.

De rest kan tijdens de vaste onderhoudsbeurten. Een nieuwe kettingset ligt er intussen al op en de remblokjes zijn ook niet meer dezelfde als bij aankoop. Wat logisch is, dit zijn de typische slijtageonderdelen.

Enige vuiltje aan de lucht is dat mijn huidige ketting, die er nu 16.000 km op heeft zitten, een tikgeluid begint te maken. Volgens Antwerp Moto Store gaat het om een schakel die niet meer plooit, en zou ik de ketting best binnenkort vervangen. De ketting werd trouwens opgelegd bij Euromotors in Borsbeek.

Power

Een racemonster is de 650 GS niet, maar met zijn enkele cilinder, 652 cc en 50 pk moest hij bijvoorbeeld niet onderdoen voor de Harley Iron 883. Hij levert zijn power mooi gelijkmatig af en heeft een pittig karakter.

Je mag ‘m ook hoger in de toeren jagen dan de Harley. Tegen 5000 toeren merkte je dat de Iron 883 buiten adem begon te raken, terwijl de BMW dan nog best even door kan.

Wel is het wennen om tegen 5000 toeren in vijfde over de autostrade te rijden (120 km/u). Een iets lager toerental zou dan comfortabel zijn, hoewel ook dit na een tijd – net zoals de geplooide knieën – went.

Vooruitzichten

Collega Nicolas (eigenaar van een Triumph Street Triple) was er zeker van dat ik binnen een jaar naar iets zwaarders zou switchen. Ik denk het niet.

De 650 GS volstaat perfect aan mijn behoeften. Want ik ben nog altijd aan het leren. Vooral offroad dan. De Endurofun Lenterit en de Type 1 cursus smaakten naar meer, dus ik zie niet in waarom ik nu naar een zwaardere motor zou moeten overschakelen. Meer gewicht? Nee, dank u. Met een nieuwe motor tegen de vlakte gaan? Liever niet.

En om naar het werk te rijden volstaat hij ook. Oké, voor de autostradekilometers zou hij in vijfde wat meer ruimte mogen hebben, maar als je je aan de verkeersregels houdt, heb je die ruimte eigenlijk niet nodig.

De 650 GS zal dus hoogstwaarschijnlijk nog een poos hier op stal staan. Wat niet wil zeggen dat ik soms zit te dromen van iets anders. De BMW R 1200 GS (en de Adventure) bijvoorbeeld. Of een tweedehands 1100 of 1150 GS, wat waarschijnlijk realistischer is. Maar ook andere merken, hoewel ik naar de reisenduro’s blijf kijken. Een KTM 950 of 990 Adventure vind ik erg knap, en een Triumph Tiger 800 of Explorer kan er ook mee door. En de schetsen van de nieuwe Honda Africa Twin zien er ook ferm uit, vooral die met de dubbele koplamp.

Maar voorlopig laat ik alles nog even zoals het is. To be continued!

Getest: Harley-Davidson Iron 883

Wie heeft in zijn kindertijd nooit met een paar speelkaarten zijn fiets omgetoverd tot een imaginaire motor? Dat luide geklepper, heerlijk. En je was jezelf al aan het brainwashen, want als er één motormerk is dat dat geluid benadert, is het toch wel Harley-Davidson zeker?

Harley-Davidson Iron 883 24

Fastforward naar maart van dit jaar. Of ik geen Harley wou testrijden voor een weekje. Mijn motorervaring is beperkt, op een Harley had ik zelfs nog nooit gezeten, dus … waarom niet?

Wie aan Harley denkt, denkt aan choppers, uit de kluiten gewassen tourers en uiteraard dat typische Harley-geluid dat je vanop een paar straten hoort aankomen.

Mijn testmotor is echter geen zware mastodont à la CVO Limited maar de lichtste jongen uit Milwaukee: de Iron 883 uit de Sportster-reeks. Al krijgt hij in augustus gezelschap van een nieuw pluimgewicht: de Street 750 komt dan het Harley-gamma aan de onderzijde verruimen.

Voorlopig is hij echter nog de instapper der Harleys, met een instapprijskaartje: 8.745 euro basisprijs. Scherp. Tel daarbij zijn smalle lijf en lage zit, en je bent goed bezig om Harley newbies te overtuigen eens een Hog te proberen, zonder dat je daarvoor direct een Fat Boy moet temmen.

Harley-Davidson Iron 883 20

Zithouding: het is een rebel

Al vanaf de eerste meters merk je het: de Iron 883 mag dan wel de lichtste Harley zijn, toch maakt hij de rebel in je wakker. Knieën tegen de tank en tenen op de voetsteunen, zoals de rijschool het je aanleert? Vergeet het. Niet met deze jongen.

De voetsteunen staan ver naar buiten, je tenen voelen zich er niet op hun gemak. Zet er echter het midden van je voet op, en je merkt direct dat dit is hoe het moet. Even je voet pivoteren op de steun en je tikt zo in een andere versnelling. Idem voor de achterrem aan de andere kant.

Knieën tegen de tank? Als je graag met X-benen op de motor zit. Op de Iron 883 zit je met de benen wijd uit elkaar. Punt.

Nadeel van die houding is logischerwijze minder controle en meer windvangst. Dat merk je zeker aan autostradesnelheden. Als de wind fout zit, voel je zelfs trillingen doorheen de hele motor gaan, iets wat ik bij mijn BMW F 650 GS nog nooit heb gemerkt.

Verder geeft het zadel je maar één keuze: zó zitten en niet anders. Tijdens korte ritten geen ramp, maar als je langer onderweg bent is het comfortabel voor rug en kont als je eens kan verschuiven. Dat mag je echter vergeten bij de Iron 883.

Harley-Davidson Iron 883 30

Bad boy met verleidelijke looks

Thuis mocht ik – of eerder de Iron 883 – rekenen op een bijzonder enthousiast onthaal van Inge. Hij had direct haar hart gestolen. “Zou je de BMW niet inruilen voor deze?”, mocht ik tijdens mijn testweek meermaals horen.

Lees verder