Tot ziens Rev’it. Welkom Klim Badlands.

Beu was ik mijn motorpak. Vooral de jas, een Rev’it Sand 2. Vier jaar deed hij dienst en waterdichtheid was z’n grootste pijnpunt. Het eerste jaar ging alles goed, maar daarna was het van dat: nattigheid. Niet onmiddellijk echte lekken, maar de buitenjas slorpte zoveel water op dat ik na lange regenritten toch met vochtige onderarmen afstapte. Uiteindelijk begaf de regenlaag het helemaal. Gevolg: een uurtje door een flinke regenbui en hals, onderarmen en bovenkant van de borst hielden het niet droog. Serieus vervelend. Zeker als je ’s morgens in een jas moet kruipen die nog doorweekte mouwen en een muffe geur heeft van de dag voordien.

Een Rev’it Sand 2 broek heb ik ook gehad. Z’n regenlaag was gewoon niet tegen intens gebruik bestand. Na een paar natte piemels, waarbij Rev’it me telkens – de garantieregels proper nalevend – een nieuwe regenlaag bezorgde, kwam er een Neptune motorbroek in de plaats. Eindelijk Goretex! En gedaan natte piemels!

Die aflatende waterdichtheid deed m’n Rev’it pak dus de das om, maar verder heb ik eigenlijk geen klachten. De pasvorm is goed en kan je makkelijk bijstellen, de ritsen en velcro weten het vol te houden, er zijn voldoende zakken, en ’s zomers heb je genoeg ventilatiemogelijkheden. Wat ik wel geleerd heb: dat lichtgrijs wordt smerig en een wasbeurt kan daar niks aan verhelpen. En het muffe geurtje na een doorweekte regenspits krijg je er ook moeilijk uit.

Voor mijn volgende motorpak had ik dus een paar vereisten:

  • Goretex (en liefst geen Goretex regenlaag onder een buitenlaag, maar een met Goretex gelamineerde buitenlaag)
  • Volledig zwart
  • Als het even kan een geïntegreerde rugprotector (bespaart me gedoe met m’n aparte Alpinestars backprotector)

Dat ik hiermee in een hogere prijscategorie zou belanden, had ik ervoor over. Na wat rondkijken en -horen, kocht ik de Klim Badlands jas en broek. Een motorpak dat al veel lovende reviews kreeg, maar ook een stevig prijskaartje. Sommige mensen geven minder uit aan een motor. Ik heb dus getwijfeld of ik zo’n grote investering wou doen, maar m’n motorgebruik rechtvaardigt deze uitgave wel.

Voor wie de Klim Badlands niet kent, er zijn erg veel features. Een greep:

  • Drielaags gelamineerde Goretex Pro buitenlaag
  • Gebruik van Armacor, Superfabric en Cordura
  • D3O protectoren (knieën, heupen, ellebogen, schouders, borst én rug)
  • Voorziening op de rug voor een waterreservoir
  • Waterdichte YKK ritsen
  • Veel zakken
  • Veel ventilatiemogelijkheden

Gedetailleerder? Check de video: Lees verder

Eerste indrukken: Lazer Monaco Evo Carbon

Intussen rijd ik twee maanden met de Lazer Monaco systeemhelm (officiële naam volgens z’n paspoort: Lazer Monaco Evo Droid Pure Carbon). Tijd om de eerste indrukken op een rijtje te zetten.

lazer-monaco-evo-flip-up-helmet

Comfort.
Dik oké. Aangename pasvorm. Vanzelfsprekend minder strak dan een integraalhelm, maar zeker strak genoeg. Ventilatieklepjes, vizier en kinstuk laten zich makkelijk verstellen. Alles zit op de juiste plaats. Verbazend lichte helm ook. Dat de schaal 100% carbon is zit daar natuurlijk voor veel tussen. Dit is een van de lichtste helmen out there: 1400 gram inclusief pinlock, da’s 168 gram lichter dan mijn Shoei GT-Air met pinlock.

Fotochromatisch vizier.
Een van de features die deze helm uniek maakt. Zeer handig en aangenaam. Werkt subtiel, zonder dat je het in de gaten hebt. Wel nog afwachten hoe het vizier in echt zonnig weer presteert.

lazer-monaco-evo-droid

Ventilatie.
Net als bij de Shoei GT-Air heb je 2 ingangen (kin en bovenop de helm) en een uitgang (achterop de helm). Bovendien zit links en rechts, vlak naast het vizier, ook telkens een uitgang. In warm weer heb ik nog niet gereden met deze helm, dus hoe verkoelend de ventilatieklepjes zijn is nog afwachten. Wat me wel opviel is dat Lees verder

Korte review: Shoei GT-Air

Ik rijd intussen 2 maanden rond met de Lazer Monaco helm, maar over mijn vorige helm, de Shoei GT-Air, heb ik het nog niet gehad. Die heeft een kleine twee jaar dienst gedaan. Even een korte review.

shoei-gt-air-integraalhelm

Shoei is niet bepaald het goedkoopste merk, dus je verwacht geen prul. De GT-Air zit rond de 500 euro, afhankelijk van de kleur of graphics. De naam GT-Air verklapt z’n voornaamste kenmerk: deze integraalhelm is luchtig.

De GT-Air heeft 3 luchtklepjes: twee ingangen (op de kin en boven op de helm) en een uitgang (aan het achterhoofd). Dat werkt prima, en ook met dikke handschoenen aan kan je ze makkelijk openen en sluiten. Het geopende kinklepje zorgt voor een flinke luchtstroom over je gelaat. Het ventilatieklepje bovenop de helm brengt enorm veel verkoeling op je hoofd, zoveel zelfs dat je het enkel in volle zomer open zal zetten.

Verder is de GT-Air uitgerust met een intern zonnevizier (altijd handig), krijg je een pinlock meegeleverd (ook altijd handig), kan je het interieur eruit halen (jup, ook handig) en zijn z’n design en afwerkingsniveau top (wat voor een helm in deze prijscategorie wel mag).

De GT-Air zit vrij krap maar wel comfortabel en zacht genoeg. Ik ben wel fan van zo’n strakke pasvorm. Na 2 jaar zit de helm ook nog steeds strak genoeg. Wie nogal makkelijk last heeft van helmet hair, deze Shoei kan er wat van!

shoei-gt-air-helm

Het geluidsniveau van de GT-Air is oké, al had ik voor een helm uit deze prijsklasse iets beter verwacht. Vooral het luchtklepje bovenop de helm kan wat gefluit en windgeruis veroorzaken, zowel open als gesloten. Uiteraard speelt niet enkel de helm hierin een rol, maar ook je rijhouding en je motor. Ik ondervond alleszins dat het hoofd enkele graden naar voor of achter kantelen een enorm verschil in decibels kan betekenen.

Waterdichtheid dan. In zware regenbuien kreeg ik Lees verder

Nieuwe laarzen: Alpinestars Toucan

Om eerlijk te zijn: ‘t is die beruchte Sidi squeak die mijn Sidi Adventure Gore laarzen de das hebben omgedaan. Buiten dat vervelende gekraak heb ik er eigenlijk geen klachten over. Oké, ze zien er niet meer uit – wat logisch is na bijna 3,5 jaar intensief gebruik – maar ze zitten nog altijd goed, ze zijn nog niet versleten en ze zijn nog perfect waterdicht. Maar dat gekraak, f*ck man. Anders had ik misschien wel dezelfde motorlaarzen opnieuw gekocht als dit paar écht versleten was.

Maar iets anders dus. Een adventurelaars, met Goretex, en liefst niet met 4 gespen (voor vlotter aan- en uittrekken). Goeie dingen gehoord over de Alpinestars Toucan dus gaan passen bij Rad. Daar kreeg ik op dat moment 20% korting, dus lang heb ik niet getwijfeld.

alpinestars-toucan-goretex

Fotospecial: de moto’s van het Auto & Moto Salon 2017

Enkele beelden van op het Auto & Moto Salon 2017, niet noodzakelijk in deze volgorde:

triumph-salt-lake-racer

royal-enfield-himalayan-autosalon-2017

triumph-thruxton-trackracer

motokouture-bmw-s-1000-rr

kawasaki-hp2-2017 Lees verder

Top 3 favoriete testmotoren 2016

In 2016 testte ik 10 motoren (welke 10 lees je hier). Daaruit m’n favorieten kiezen is vooral een kwestie van buikgevoel. Pk’s en allerhande technologische shizzle zijn leuk, maar uiteindelijk telt vooral het gevoel dat de motor je geeft. Hoe breed is de smile op je smoel? Hoe goed voel je je erop? Hoe ongeduldig ben je om je volgende rit te maken? Lekker subjectief dus. Mijn persoonlijke top 3 van dit jaar:

3. Yamaha MT-10

De Yamaha MT-10 ziet er een agressief beest uit, en dat is hij ook. 160 pk en 111 Nm lieger er niet om. Samen met een uitstekend rijwielgedeelte en puik stuurgedrag staat dat garant voor bergen fun. Bovendien laat dit beest zich ook makkelijk temmen – in druk stadsverkeer bijvoorbeeld – én biedt hij genoeg comfort om ook langere ritten verteerbaar te houden. Meer allround dan je op het eerste zicht zou denken dus.

Lees hier het testverslag van de Yamaha MT-10.

yamaha-mt-10

2. BMW S 1000 R / BMW S 1000 RR

De BMW S 1000 R en de Yamaha MT-10 zijn erg aan mekaar gewaagd. Kiezen tussen deze twee is een kwestie van persoonlijke smaak. En persoonlijk kies ik dan eerder voor de Duitser dan voor de Jap. Doorslaggevende argumenten: de voortreffelijke remmen, de supercontroleerbare, ultraverfijnde e-gas, het nog meer prestatiegerichte karakter, de funmultiplicerende quickshifter (Pro-versie vanaf 2017, dus op- én afschakelen zonder ontkoppelen) … Enfin, het totaalpakket heeft net iets meer gewicht.

En dan is er nog de BMW S 1000 RR. Hoewel die nog meer te bieden heeft dan de R, is de vraag: hoeveel heb je aan die nog meer? Op het circuit vallen de verschillen sneller op, maar als je enkel op de openbare weg rijdt, is de flinke meerprijs van de RR moeilijker te rechtvaardigen. Vandaar: 2 raketten op nummer 2.

De review van de BMW S 1000 R vind je hier, en die van de S 1000 RR hier.

test-bmw-s-1000-r

Lees verder