Test: KTM 1050 Adventure

Wie al eens in groep richting offroad trekt met z’n motor, zal vast al gemerkt hebben dat naast de BMW GS club intussen ook een enthousiaste KTM Adventure aanhang is opgestaan. Sinds de introductie van de KTM 1190 Adventure hebben de Oostenrijkers een model in huis dat niet te negeren valt.

Logisch dus dat KTM nu kiest om hun Adventure aanbod uit te diepen. Dit jaar kwamen er de KTM 1290 Super Adventure en de KTM 1050 Adventure bij. Ik mocht een weekje op stap met de 1050.

ktm-1050-adventure

Die 1050 Adventure wordt al eens smalend de budgetversie van de 1190 genoemd, want beide motoren zijn voor een groot stuk identiek. De 1050 heeft nagenoeg hetzelfde motorblok, al werd dat wel van 1195 naar 1050 cc teruggebracht door slag en boring te verkleinen. De paardenstal wordt zo gereduceerd van 150 naar 95 pk, maar de koppelcurve loopt wel opvallend gelijk, tot je ergens boven de 6000 toeren gaat. Het blok kan dus in principe veel meer power aan, maar KTM koos voor deze ingreep om de 1050 geschikt te maken voor het A2-rijbewijs.

Ook moet de 1050 Adventure het stellen met een soberdere uitrusting dan de 1190, zoals minder fancy spiegels, een eenvoudigere ABS en tractiecontrole, en een andere voorvork.

ktm-1050-adventure-bergop

King of the road

Toch valt me iets anders direct op als ik bij Motocare de eerste keer op de KTM 1050 Adventure stap: zijn zithoogte. Met 85 cm is dit het hoogste zadel dat ik al mocht beklimmen. Even wennen. Eén voet kan ik nog altijd probleemloos vlak op de grond zetten zonder in het zadel te moeten manoeuvreren. Twee voeten vlak op de grond, daar moet ik wat moeite voor doen.

Even later op de autostrade ervaar ik het voordeel van die hoogte: Lees verder