Madeira op de moto

Madeira. Een Portugees eiland dat ten westen van Marokko ligt, zo’n 500 km boven Tenerife. Werp één blik op de kaart van dit kleine eiland (50 km lang, 20 km breed) en je ziet meteen dat er amper wegen zijn die rechtdoor lopen. Bovendien rijzen de bergen er tot 1800 meter hoog. Dat vraagt gewoon om bereden te worden! En dus huur ik op de vrije dag tijdens mijn wandelvakantie een Honda CB500X en trek eropuit.

Dat huren doe ik bij 4&2 Wheels Rent. Daniel Pita baat in Funchal een verhuurwinkel uit met scooters, auto’s en moto’s. Hij biedt naast maxiscooters de keuze uit enkele Benelli’s BN302 en een paar Honda’s CB500X. Ik kies die laatste. Een moto huren kan enkel voor 2 dagen en dus betaal ik de prijs van twee voor één: 85 euro met een waarborg van 250 euro. Snel papierwerk afhandelen, helm uitkiezen, en omstreeks half tien kan ik vertrekken.

Ik had de avond voordien op Google Maps grofweg een route uitgestippeld: een liggende 8 over heel het eiland. Dat viel uiteindelijk even anders uit, maar daarover later meer.

Het eerste stukje gaat van Funchal in het zuiden over de autostrade tot Ribeira Brava. Daar neem ik de ER222 verder westwaarts. Die kronkelt parallel aan de oceaan langs de bergwanden door bananenvelden. Veel exotischer kan haast niet. Iets hoger zijn de eerste wijngaarden te zien die de druiven leveren voor de bekende madeira-wijn.

Ter hoogte van Madalena do Mar draai ik de ER209 op. Die gaat soms behoorlijk steil omhoog (ik zie bordjes die 32% aangeven) richting centrum van het eiland. De vegetatie op Madeira verandert razendsnel en op enkele kilometers doorkruis ik zowel dichte eucalyptusbossen als naaldbossen, die op hun beurt plaats maken voor lage brem-achtige begroeiing. Even snel als de bomen verdwijnen, verdwijnen bovenop het plateau van Paul de Serra de bochten. Een kaarsrechte weg snijdt door de centrale hoogvlakte. Lang duurt dit niet, speciaal is het wel.

Ik kruis de ER110 en vervolg de ER209 richting het noordwesten. Dit blijkt achteraf een van mijn favoriete stukken te zijn: een perfect asfaltlint kronkelt vloeiend verder om hoe langer hoe meer bochten te bevatten. Eenmaal ik de afdaling naar Porto Moniz inzet, verslechtert het asfalt, nemen de haarspeldbochten toe en duik ik de mist in. De temperatuur zakt meteen een tiental graden en ik heb het zowaar fris.

Porto Moniz is een bekende stopplaats voor toeristen omwille van de natuurlijke vulkanische zwembaden. De zee spoelt er geregeld over de rand van het bad. Ik pauzeer hier om een snelle hap te eten.

Reden voor dat snel snel is omdat Lees verder